Substraatteelt

Recirculatie van drainwater

In de substraatteelt helpt recirculatie om water en meststoffen in het teeltsysteem te houden. Daarmee voorkomen telers onnodige lozingen. Onderzoek binnen Glastuinbouw Waterproof laat zien dat verdere vermindering van emissies mogelijk is door de draingift beter af te stemmen op de behoefte van het gewas, de waterkwaliteit actief te monitoren en zorgvuldig om te gaan met natrium, ziekteverwekkers en andere stoffen die zich in het systeem kunnen ophopen.

Natrium & Monitoring

Een belangrijke uitkomst uit onderzoek is dat gewassen vaak meer natrium verdragen dan eerder werd gedacht. Voor verschillende gewassen zijn hogere grenswaarden vastgesteld zonder negatieve effecten op productie of kwaliteit. Daardoor hoeven telers minder snel te lozen. Wel blijft het belangrijk om de aanvoer van natrium via water, meststoffen en substraten te beperken en de samenstelling van het drainwater regelmatig te analyseren.

Monitoring
Daarnaast richt onderzoek zich op het beperken van onnodige drain, het voorkomen van groeiremming door ophoping van ongewenste stoffen en het beheersen van calamiteiten, zoals ziekte-uitbraken of problemen met de waterkwaliteit. Met goede monitoring, tijdige ontsmetting en een doordachte recirculatiestrategie kunnen telers de voordelen van hergebruik benutten en risico’s beheersen.

Watergift

Een geoptimaliseerde watergift helpt om water en voedingsstoffen efficiënt te benutten. Met een passend watergeefsysteem, nauwkeurige sturing en regelmatige controle krijgt het gewas op het juiste moment de juiste hoeveelheid water. Hieronder lees je meer over het optimaliseren van de watergift en de verschillende systemen die daarbij worden toegepast.

Optimalisatie watergift

Een goede watergift is belangrijk voor een sterk gewas en een stabiel teeltresultaat. Dat begint met de keuze voor een passend watergeefsysteem en een goede aansturing daarvan. Telers bepalen hoeveel water het gewas nodig heeft, welke samenstelling het water moet hebben en op welk moment water nodig is. Metingen van instraling, substraatvocht, plantgewicht en drainwater helpen om de watergift nauwkeuriger te sturen. Regelmatige controle van het watergeefsysteem blijft nodig om te beoordelen of elke plant ook echt de juiste hoeveelheid water krijgt.

Maak gebruik van het Waterstromenmodel

Druppelbevloeiing

Bij druppelbevloeiing komt het gietwater via leidingen, slangen en druppelaars direct bij de plant. Afhankelijk van de plantdichtheid kan één druppelaar meerdere planten voorzien, terwijl grote potten soms meerdere druppelaars nodig hebben. Een gelijkmatige watergift vraagt om schone druppelaars. Regelmatig doorspoelen en het gericht inzetten van reinigingsmiddelen helpen om vervuiling en verstoppingen te voorkomen.

Eb- en vloedsysteem

Bij een eb- en vloedsysteem komt er tijdelijk een laag water op de beton- of containervloer te staan. Het gewas neemt dit water vervolgens op. Potmaat, type substraat, gewas en waterbehoefte bepalen hoe hoog de waterlaag moet zijn en hoe lang het water moet blijven staan voordat het terugstroomt naar de voorraadsilo. Ook de snelheid waarmee het water opkomt en afstroomt, is belangrijk. Goed watermanagement voorkomt dat voorraadsilo’s overstromen, bijvoorbeeld wanneer ze tussentijds worden aangevuld met vers water.

Ion-specifiek bemesten

Ion-specifieke meetapparatuur geeft telers beter inzicht in de opname van voedingsstoffen. Onderzoek binnen Glastuinbouw Waterproof laat zien dat deze apparatuur inmiddels nauwkeurig en betrouwbaar genoeg is voor toepassing in de praktijk. Met deze informatie kunnen telers sneller bijsturen, scheve voedingsverhoudingen voorkomen en drainwater met meer vertrouwen recirculeren. Dat draagt bij aan een efficiënter gebruik van meststoffen, betere recirculatie en een gezonder wortelmilieu. Ook kan nauwkeuriger bemesten helpen om opbrengstverlies door afwijkende voedingsverhoudingen te voorkomen.

Lees meer over het meest recente onderzoek